Die paar woorden worden niet meer zo vaak gezegd tegenwoordig. Op de een of andere manier is het niet oké om afhankelijk te zijn van een ander. Het lijkt wel of ‘afhankelijk’ een beetje een vies woord is geworden. Terwijl we allemaal afhankelijk zijn van elkaar. Je bakt je eigen brood toch ook niet en je vuilnis wordt netjes door anderen opgehaald. Onze hele samenleving is gebaseerd op afhankelijkheid van elkaar. Maar de individualisering waar we steeds meer naar op weg zijn, heeft steeds minder ruimte voor afhankelijkheid. Ik moet zeggen, zelfs nu ik het woord een aantal keren typ, merk ik de negatieve connotatie. Want we willen niet afhankelijk zijn. Een zelfstandige, onafhankelijke man of vrouw is het meest aantrekkelijk. Iemand die zijn of haar zaakjes op orde heeft en het leven naar eigen wensen en behoeften heeft ingericht. Je wil geen partner die ‘needy’ (behoeftig) is en jou aanspreekt voor zijn of haar geluk. En daar zit het verschil dan ook. Gelukkig zijn of worden is iets wat in jezelf moet gebeuren. Daarvoor kun je de verantwoordelijkheid niet bij een ander leggen. Helemaal waar! Maar wat veel mensen daarbij vergeten, is dat emotionele afhankelijkheid heel normaal en zelfs biologisch aangeboren is. Wij hebben elkaar nodig! Wij zijn wie we zijn, omdat we gezien en gehoord worden door anderen. We hebben contact nodig en dus elkaar.

 

In de Verenigde Staten werd in 1944 een verschrikkelijk experiment uitgevoerd om te bepalen of individuen alleen konden gedijen op basis van fysiologische behoeften zonder affectie. Twintig pasgeboren baby’s werden gehuisvest in een speciale faciliteit waar ze zorgverleners hadden die naar binnen zouden gaan om ze te voeden, te wassen en hun luiers te verschonen, maar ze zouden niets anders doen. De zorgverleners hadden de opdracht gekregen om niet meer naar de baby’s te kijken of aan te raken dan nodig was en nooit met hen te communiceren. Aan al hun fysieke behoeften werd nauwgezet voldaan en de omgeving werd steriel gehouden, geen van de baby’s werd ziek. Het experiment werd na vier maanden stopgezet. Tegen die tijd was ten minste de helft van de baby’s overleden. Er was geen fysiologische oorzaak voor de dood van de baby’s; ze waren allemaal fysiek erg gezond. Dit gruwelijke experiment heeft duidelijk gemaakt dat we niet kunnen overleven zonder contact.

 

Van onze kinderen vinden we het heel normaal dat ze ons nodig hebben. Maar wat we vergeten, is dat dat ook voor volwassenen essentieel is om zich gelukkig te voelen en emotioneel te kunnen ontwikkelen. Wij willen ons hechten aan een ander, dat geeft ons een veilig en geborgen gevoel. Je hecht je als kind aan een ouder en als volwassene aan je partner. Die hechtingsbehoefte blijft levenslang bestaan. Niet gek dus, dat velen zo naarstig op zoek zijn naar een liefdespartner. Je kan ook geborgenheid en liefde ontvangen uit vriendschappen, maar uiteindelijk voelen we ons het veiligste in een geborgen relatie.

 

Vind jij het lastig om tegen je partner te zeggen dat je hem of haar nodig hebt? En wordt dat nóg lastiger als je niet zo goed in je vel zit? Dat is voor velen herkenbaar. Als je verdriet hebt voel je je kwetsbaar en is het nog moeilijker om te zeggen dat je de ander nodig hebt. Je afsluiten voor de ander is dan een veel voorkomende reactie. Terwijl je juist dan, die ander keihard nodig hebt. En met je afsluiten voor de ander ontketen je weer een reactie. Hij of zij zal er juist voor je willen zijn als je het moeilijk hebt en voelt zich buitengesloten als je dat niet toelaat. Draai de rollen maar eens om; het is fijn om je geliefde te kunnen helpen en er voor hem of haar te zijn als het nodig is. Dus vertel je partner dat je hem of haar nodig hebt. En als dat niet goed voelt dan kun je het ook omdraaien en tegen je geliefde zeggen ‘ik ben er voor jou, ook als je het moeilijk hebt’.